Facebook Twitter Linkedin

Achter op de fiets bij Remco Claassen

Voor deze editie zat Mark achter op de fiets bij Remco Claassen.

De schijf van zes is voor planningsprofessionals het fundament voor personeelsplanning. Nieuwsgierig als ik ben, reis ik voor de rubriek “Achter op de fiets bij…..” stad en land af. Ik vraag bekende Nederlanders hoe de schijf van zes van invloed is op hun planning.

De lente is weer begonnen! De tijd van langere dagen en eindelijk weer eens wat beter weer. En ook de tijd dat we al meer dan 6 maanden druk zijn met het WFM congres. Het congres is natuurlijk in september. Maar zodra de laatste gasten de locatie hebben verlaten, de partners hun spullen aan het inpakken zijn, wordt er bij ons achter de schermen al hard gewerkt aan het volgende congres.

We kunnen eigenlijk onze schijf van zes op het congres leggen. De analyse is gedaan en het advies voor de komende editie is uitgebracht. Wat ging er goed en wat kan beter. Welke sprekers sloegen aan en welke onderwerpen niet. Als het aan de beoordelingen van vorig jaar ligt, dan zou dit jaar Remco Claassen (1966) weer de opening doen. Ik moet zeggen, dat hij ook wel een erg goed verhaal had. En dat op een erg humorvolle manier bracht. En mij als dagvoorzitter charmanter vond dan Jort Kelder. Want, wie vindt dat nou niet? 

Maar zeg nou eerlijk, die Remco heeft toch maar een mooi vak. Alle dagen enroute om bedrijven en mensen te motiveren en een spiegel voor te houden. En het leek zo makkelijk te gaan. Ik moet zeggen dat ik best wel nieuwsgierig en een tikkeltje jaloers ben geworden. Hoe zit dat nou precies? Improviseert hij het nu gewoon allemaal bij elkaar? En kampen al die bedrijven en congresbezoekers die hij gedurende het jaar ziet, nou echt allemaal met dezelfde issues? Ik zocht hem op in het Van der Valk hotel in Utrecht. Tussen een bijeenkomst van crisismanagers en marine officieren in.

Ik zag je op het PlanMen congres en ik moet zeggen, dat openbaar spreken gaat je nogal goed af.
Dank je, maar vlak jezelf ook niet uit. Mocht je nou nog tijd over hebben en een hobby zoeken, dan zou ik een dagvoorzitterschap zeker overwegen.  

Dat is charmant, maar we hebben het hier over jou, he? Al die aandacht, niks voor mij. Vertel eens wat meer over het werk als ontfomper.
Nou een ontfomper die ontfompt mensen en bedrijven. En fomp is een woordgrap die ik al jaren gebruik. Dat komt voort uit het oude buizenpostsysteem dat vroeger in bedrijven werd gebruikt. En ‘fomp’ is het geluid dat je hoort als de post in de buis aankomt. Dat is hetzelfde geluid uit die Heineken BBQ reclame. En net als die buizen of dat blikje bier, proberen veel bedrijven met top down benadering gedrag te veranderen. De baas heeft dan de hoogste pijp en die cascadeert in de aarsen van de onderste gelederen. Je kent dat, eens per kwartaal komt die baas weer op de zeepkist staan. Dan roept hij of zij weer één of andere vage mission statement over waarde-creatie waar eigenlijk niemand wat van snapt. Laat staan dat ze erachter staan. Dat is niks anders dan leiderschap 1.0 en werkt echt niet meer in deze tijd. Bazen hebben nog steeds wel een hiërarchische verantwoordelijkheid, maar dat heeft alleen effect als het bottom up wordt gefaciliteerd. En ik probeer die kentering in te zetten.

Tough job, denk ik?
Per jaar heb ik zo’n 100 tot 120 verdienmomenten. Dat kunnen lezingen zijn zoals op het congres, maar ook trainingen. Ik doe vaak zo’n 3,5 daagse training voor groepen. Dan keren we in 40 uur de cursisten helemaal binnenste buiten. Mijn agenda is redelijk alternerend. De ene week heb ik lezingen, de andere trainingssessies en dat gaat zo het hele jaar door. En dat is een heel mooie combinatie. Zo sta je het ene moment voor 630 marinemensen een training verbaal meesterschap te geven en de andere week doe je een sessie voor crisismanagers bij de ABN AMRO over persoonlijk leiderschap.

Dat lijken mij nogal twee totaal andere werelden. Kun je het verloop van zo’n performance dan voorspellen?
Ja, want ik gebruik altijd dezelfde opzet. Ik leer ontfompen, door mensen eigen regie te laten nemen. Maar ik train eigenlijk meer als fomp eindbaas. In beoordelingen kom ik gek genoeg altijd recensies tegen dat het zo lekker interactief was. Nou Mark, ik kan je verzekeren, van interactie is weinig sprake. Dat is niet erg, dat is mijn methodiek. Juist om de boodschap goed over te brengen, maak ik gebruik van een dosis humor. Want ik ben meer Hans Teeuwen en minder de Paus.

Ik stuur wel eens wat bij in de nuances. Want ik heb gemerkt dat in alle lagen van organisaties mijn verhaallijn op redelijk dezelfde manier landt. Van bestuurders tot teamleiders tot het primaire proces. Ik ga voor maximaal rendement, dus stuur ik heus wel eens wat bij. Maar niet veel meer dan hier en daar wat ander taalgebruik. Een sessie bij Nyenrode kent net wat meer Engels jargon of academisch vocabulaire. Al is het niet meer dan de eerste 30 minuten, want daarna wordt het toch gewoon weer olijker, platter en Brabantser. 

Ben jijzelf een goede planner?
Op hoofdlijnen wel. Voor de rest ben ik een ontzettende dromer. Ik vind het heerlijk om dingen te creëren, maar van uitvoer ben ik weer wat minder. Dus ben ik een slechte ondernemer. Daarvoor is Sylvia mijn steun en toeverlaat. Zij regelt werkelijk alles. Van administratie tot klantcontact en van social media tot de financiën. Aan het begin van de week krijg ik van haar een plankje mee met de aantekeningen en opdrachten. Hier kijk, dit zijn jullie, dit de opdracht van de ABN AMRO, dit het aanvalsplan van de marine, oh shit dat is confidential highly top secret.

Jouw famous last words op het congres waren If It Is To Be It Is Up To Me. De lijfspreuk voor iedereen die wil plannen?
Een beetje wel, ja. En dat is niet iets nieuws wat ik uitdraag. Dat heb ik in de jaren dat ik alle goeroes stalkte wel geleerd. Je had Covey met “the end in mind” en the Secret met “law and attraction”. Daarin wordt beschreven dat als je plannen maakt het allemaal goed komt.

Gaat u maar rustig slapen, droom lekker en alles komt goed?
Pas op, het is een waarheid als een koe, maar geen heilige graal. Dus ja lekker slapen, daar rust je van uit. Want die rust heb je nodig om je plannen te maken. Want als je weet waar je heen moet, dan weet je ook hoe je er moet komen. En dus ook hulp te vragen als je obstakels tegenkomt onderweg. We gaan toch niet slapen en dromen hoe mooi ons huis wordt? Want ik verzeker je, als je wakker wordt, is er niet veel gebeurd. En probeer jij maar je droomhuis te bouwen zonder plan.

Dus bijsturen is een must?
Ja, want anders haal je je plannen niet. Of volg je doelstellingen die te specifiek zijn. Sommige goalgetters focussen zich op leasebakken en salarisniveaus en die meuk. Grondig onderzoek wees mij uit dat het moet komen vanuit kwispel. Daarmee bedoel ik de energie die je krijgt. Ik houd bijvoorbeeld van mensen, van contact hebben en lol maken. Op elk functieniveau, elke salarisschaal en IQ niveau past dat. Behalve als je niet weet wat je wilt. Want dan gaat het mis. Veel mensen die klagen, doen dat omdat ze geen geluk hebben. En hoe komt dat? Dat is external locus of control. Dan is je partner niet goed. Ligt het aan de economie of aan de regering. En soms werkt enkel nog de meest harde manier van bijsturen; een burn out. Want dan moet je wel. En dan gaan mensen ontdekken wat ze willen en wie ze zijn. En dan volgen stappen en blijft hun staartje kwispelen. Dan hebben ze dus  een plan.

Hoe zie je dat bedrijven omgaan met het rapporteren van de plannen van hun medewerkers?
Per jaar zie ik zo’n 50 – 60 verschillende opdrachtgevers. Wat ik constateer is dat de meeste bedrijven sturen op verkeerde zaken. Daarmee staan zij met de verkeerde focus in de organisatie. Veel bedrijven sturen alsof ze een voetbalclub zijn. Dan wordt er net als bij Studio Sport aan scorebordstatistiek gedaan. Maar het gaat om de som van de kracht van het individu als je met mensen werkt. Daar moet men mee bezig zijn. We noemen dat nu met een modewoord “duurzame inzetbaarheid”, maar dat is wel de kern van mijn vak als leiderschapstrainer. Mensen in hun kracht zetten. Dat zou ook de focus moeten zijn van leidinggevenden. Een organisatie kan ook alleen maar groeien als de individuen groeien. En ja, voor de boekhouder moet je wel wat rapportages kunnen draaien om de jaarcijfers te kunnen verantwoorden. Wat mij betreft mag het daar wel bij blijven.

We moeten aan ons sleutelen. Waar zit het grootste groeipotentieel bij mensen als je een analyse zou maken?
Heb je nog een uur? Beeld je eens in dat je een arts bent. Dan doe je eerst een volledige anamnese met MRI, CT-scan, de hele mikmak. Dat moeten we als mens ook doen bij ons zelf. Eerst inzien hoe het zit voordat je je verbetert. En dan hebben we een hele stap gemaakt. Kort door de bocht, we zijn niet opgevoed met plannen voor je leven. Maar daar kom je pas na verloop van tijd achter. Vaak pas ergens midden in je carrière. Kijk naar mij. Ik ben technisch ingenieur. En heb me tot commercieel manager opgewerkt. Totdat ik huilend in mijn leasebak zat. Dat wil je niet. Ons onderwijs systeem helpt ons daar ook niet mee. Dat is allesbehalve gericht op het onderzoeken van je ware ik. En dat kan voor een deel ook niet. Een belangrijk stukje hersenen wordt pas later ontwikkeld. Dat deel dat over de dag heen kan kijken. Oh shit ik heb eierstokken, die beginnen te rammelen. Oh, ik moet sparen voor later. En dat stukje hersenen is pas af op je 22e. Tot die tijd ben je een hormonale flipperkast. Met hormonen, puisten, katers. Maar in ons land hebben we juist alle belangrijkste keuzes gemaakt voor je 22e. Dan heb je je middelbare school al gedaan en zit je al bijna in je baan geroest. Dus we moeten eigenlijk tot die leeftijd leren stilzitten, zorgen dat je je talen spreekt en beetje wiskunde hebt gedaan. Was eens een kont in een instelling, graaf eens een gat in Darfur. Leer hoe het is om te weten dat je het niet altijd voor het zeggen hebt. Maar goed, dat gaat er niet in bij het huidige onderwijs. Daarom zie ik nog bij iedereen potentie.

Wat is het beste advies dat je aan onze lezers kunt meegeven?
Start aan kwispel diagnostiek! Jarenlang is onderzoek gedaan naar drijfveren voor mensen. Heel nuttig, maar dat zijn allemaal van die ingewikkelde en moeilijke modellen. Ik houd het liever simpel. Vraag jezelf af wanneer je aan gaat? Wanneer geeft iets energie? Je lichaam is namelijk zo’n zuivere verklikker van wie je bent. Een assessment is niet zuiver. Ik heb ooit eens een assessment gedaan en hoofdzakelijk mentaal ingevuld. Maar niet naar mijn staart geluisterd en toen was ik dus commercieel manager in een dikke leasebak. En lekte leeg uit al mijn gaten. En alle indicatoren matchten met die carrièrelijn. En toch had ik geen energie. Dus ik leer om eerst te kijken naar het energielevel en dan naar competenties. Dus ontwikkel een blauwdruk van je energiehuishouding. En als dat gelukt is, heb je je leiderschap te pakken. En dan kom je waar je zou moeten zijn.