Facebook Twitter Linkedin

Flexibiliteitsmodel

De kern van een goede flexibilisering is dat er onderscheid gemaakt wordt tussen de verschillende vormen. De figuur hieronder geeft dit weer. Iedere schil kent zijn eigen middelen, periodes, kosten en dynamiek. Het is essentieel voor een organisatie om deze verschillende schillen te kennen, te onderscheiden en er strategische keuzes in te maken. Dit loont! Onderzoek van TNO geeft aan dat: 'Hoe groter de flexibele schil, hoe hoger de bedrijven scoren op heldere werkinstructies, ontwikkelmogelijkheden en opname in de bedrijfscultuur van flexibele werknemers.'

Flexibilisering van de vast kern
Een andere belangrijke constatering is dat ook de medewerkers in de vaste kern flexibel ingezet moeten worden. Vooral de Jaar Uren Systematiek is daarvoor geschikt. Dit is wel een dilemma omdat veel medewerkers zich beroepen op vaste momenten in de week waarop men gewend is te werken. Dit soort ‘verworven rechten’ bestaan juridisch echter niet. Ook wanneer vaste werkdagen en tijden in contracten vastgelegd zijn, dan kunnen die aangepast worden.

Flexibiliteitsmodel
Wanneer er met verschillende schillen wordt gewerkt, is het van belang goed te sturen op de grootte van die schillen. Met grootte wordt hier niet alleen de formatie in FTE bedoeld, maar vooral de percentages van het totale budget wat per schil ingezet mag worden. Door dit planmatig te organiseren door een goede capaciteitsplanning wordt voorkomen dat door te hoge flexkosten er rode cijfers geschreven worden.
[1] Goudswaard, A & Van Wijk, E & Verbiest, S (2014), De toekomst van flex, TNO, p22

Flexschillenmodel
Neem contact op